site builder

FAQ

Het optreden van hinderlijke condensatie op beglazingen, een fenomeen dat zich op enkel glas voor een groot gedeelte van het jaar voordoet, wordt gezien als één van de voordelen van het plaatsen van isolerend dubbel glas. Toch kan het in bepaalde situaties gebeuren, dat zich ook op het isolerend Hoog Rendement dubbel glas condensatie voordoet. Het is feitelijk een bewijs van de hoge isolatiewaarde van dit type beglazing, hoe werkt dit; Condensvorming aan de buitenzijde kan ontstaan bij een lage buitentemperatuur gecombineerd met een hoge relatieve luchtvochtigheid (de mist periodes in het voorjaar of najaar). Het risico op condensvorming is het grootst in de ochtenduren tijdens het voor- of najaar! De condens verdwijnt vanzelf zodra de buitentemperatuur toeneemt en de luchtvochtigheid afneemt (vergelijk dit met uw auto, als u in deze periode de auto start heeft u de ramen van buiten beslagen, zet u de aanjager op warm aan dan verdwijnt de condens vanzelf zonder de ruitenwisser te moeten gebruiken). Deze condensvorming ontstaat niet door een fout in het product, maar is juist een gevolg van de zeer hoge warmte isolatie van dit type beglazing (het laat de warme lucht niet door de beglazing heen naar buiten toe). Condensvorming aan de buitenzijde komt maar in een beperkt aantal situaties voor, maar is helaas niet te voorkomen. Het droogwrijven heeft geen enkele zin, zolang de buitentemperatuur laag blijft en de relatieve luchtvochtigheid buiten hoog is zal de condens ook na het droogwrijven terug blijven komen totdat de weersituatie zich aanpast, als dit eenmaal is gebeurd zal de condens vanzelf verdwijnen!

In principe kan het voorkomen dat er op het oppervlak, aan de kamerzijde, van het isolatieglas c.q. het kozijn condensatie optreedt. Dit mag men echter niet met condensatie in de spouw van het isolatieglas verwisselen. De oorzaken van de condensvorming op het binnenste oppervlak kunnen als volgt beschreven worden. In een woongedeelte wordt continue waterdamp geproduceerd. Deze water hoeveelheden bevinden zich als onzichtbare waterdamp in de lucht. Zo kan er bijv. in 1 m3 lucht van 0 graden C een maximale hoeveelheid van 5 g (= 5 cm3) waterdamp zitten. Is de kamertemperatuur hoger, kan de lucht meer water opnemen. Zo stijgt het wateraandeel bij 20 graden C tot 17 g en bij 30 graden al tot 30 g per m3.

Is echter de maximale hoeveelheid in de lucht aanwezig, dan neemt deze geen vochtigheid in de vorm van waterdamp meer op. Men spreekt in dit geval van een verzadigde lucht. Treft nu deze watergeladen lucht bijvoorbeeld in de winter een koude vensterruit aan, dan condenseert de waterdamp en slaat als water neer op de vensterruit. De optredende condensatie begint altijd aan de rand. Dit wordt veroorzaakt door de warmtetechnisch ongunstige randverbinding van de ruit. In het bijzonder kan in niet verwarmde ruimtes (bijv. slaapkamers) op koude dagen condensatie ook bij isolatieglas voorkomen. Dit komt, omdat de ruimte gedurende de nacht voortdurend afkoelt en de lucht door het ademen bij een relatief lage temperatuur met waterdamp verzadigd raakt. Bovendien willen wij er op wijzen, dat condensatie niet alleen bij vensterruiten of –elementen optreden kan, maar op alle koude oppervlaktes. Dit lijdt tot vochtplekken en schimmelvorming op de wanden.

In principe kan men door het in acht nemen van bepaalde regels het optreden van condensatie verhinderen of in ieder geval verminderen. Daarbij hoort ook dat er in ruimtes waar condensatie optreedt (op isolatieruiten of wanden) meer als tot dan toe gelucht dient te worden, totdat er een merkbare verbetering is waargenomen. In het bijzonder bewoners van huizen die nieuwe ramen gekregen hebben, dienen erop gewezen te worden, hun beluchtinggewoonten aan de nieuwe situatie aan te passen. De oude ramen waren in de regel zo ondicht, dat er een continue ongecontroleerde beluchting kon plaatsvinden. Zo kon er continue droge buitenlucht in het vertrek komen en de warme vochtige binnenlucht kon naar buiten geraken. Bij de nieuwe dichte ramen is dit niet meer het geval, zodat de bewoners ervoor moeten zorgdragen dat een regelmatige luchtwisseling kan plaatsvinden, zodat condensatievorming vermeden kan worden.
Een vermindering van condensatievorming kan ook bereikt worden door een verandering in de warmtetoevoer bijv. door gunstige plaatsing van verwarmingselementen of door de verwarming wat hoger te zetten. De warme lucht dient voor het beste resultaat dicht langs het raamoppervlak te stromen, zodat een hoge warmteovergangs-coëfficiënt mogelijk is. Bij aanwezige situaties kan door middel van gleuven in de vensterbank het condensatiegevaar verkleind worden. De bovenstaande voorbeelden geven aan, dat condensvorming bij isolatieruiten beïnvloed wordt door de beluchting, de luchtstroom, de plaatsing van de verwarmingselementen als ook de luchtgewoontes van de bewoners en niet afhankelijk is van de raamconstructie of de beglazing.

HR++ beglazing is Hoog Rendements beglazing waarbij de isolatiewaarde van het isolerend dubbelglas kleiner is dan of gelijk is aan 1,2 W/m²K.

Eisen voor HR++
De eisen voor de HR++ aanduiding komen voort uit de Beoordelingsrichtlijn BRL 2202 en gelden voor producenten die hun glas onder het Kiwa KOMO-productcertificaat “Warmtereflecterend isolerend dubbelglas voor thermische isolatie” leveren. Voor de traceerbaarheid worden er ook eisen gesteld voor de aanduiding HR++. Het merk HR++ moet volgens de BRL 2202 op deugdelijke en duidelijke wijze op het product worden aangebracht. Echter dit hoeft niet persé op de afstandhouder in de spouw van het isolerend dubbelglas te staan, maar mag ook bijvoorbeeld op de sticker worden vermeld. In het algemeen brengen de meeste producenten het HR++ merk aan op de afstandhouder in de spouw.

Het kan dus voorkomen dat er geen HR++ merk op de afstandhouder aanwezig is en de sticker, (waar de producent het HR++ merk waarschijnlijk wel op had vermeld), bij oplevering reeds verwijderd is. Meestal staat er dan wel een (productie)code op de afstandhouder. Op basis van deze code weet de producent welk type glas is geleverd. Ook kan er altijd naar het KOMO-certificaat gevraagd worden dat bij het glas hoort.

Staat er helemaal niks op de afstandhouder dan is in zo’n situatie het helaas niet mogelijk om op eenvoudige wijze te controleren of het glas inderdaad HR++ beglazing is.

Controleren op coating
Wel is te controleren of er überhaupt een coating aanwezig is. Dit kan nauwkeurig gedaan worden met een optische coatingmeter of minder nauwkeurig door simpel een vlammetje bij de ruit te houden. Van de 4 vlammetjes die als weerspiegeling in het glas zichtbaar zijn zal bij de aanwezigheid van een coating één van de vlammetjes een afwijkende kleur hebben ten opzichte van de andere 3. De aanwezigheid van een coating zegt helaas nog niet of de isolatiewaarde van het isolerend dubbelglas daadwerkelijk overeen komt met die van HR++ beglazing.

De NEN 3569 “Vlakglas voor gebouwen - Risicobeperking van lichamelijk letsel door brekend en vallend glas - Eisen" van december 2011 schrijft voor in welke situaties letselbeperkend glas moet worden toegepast. In vergelijking met een eerdere versie van deze norm (uit 2001) is duidelijker omschreven of het glas aan 1 of aan 2 zijden veiligheidsglas moet zijn.

De norm geldt als het glas bereikbaar is voor personen. Dat is het geval als personen binnen een afstand kleiner of gelijk aan 0,85m bij de ruit kunnen komen.Indien glas dus van beide zijden bereikbaar is, dan dient het glas ook aan beide (stoot-) zijden veiligheidsglas te zijn. Isolatieglas moet dan aan beide zijden letselveilig worden uitgevoerd.

De norm stelt expliciet dat bij deurenconstructies (= een deur inclusief kozijn, zij- en bovenlicht en raampanelen) altijd beide zijden stootzijden zijn.

Uitzonderingen zijn situaties waarbij men uitsluitend beroepsmatig zich bij het glas zal begeven, zoals voor onderhoud en reparatie. Een glazenwasser zal zich voor het reinigen van het glas aan de buitenzijde van een gevel begeven, waar normaal geen personen komen.

Bron: www.kenniscentrumglas.nl

Een thermische breuk in glas ontstaat door temperatuurverschillen in het oppervlak van het glas. Wanneer er bij gewoon floatglas een temperatuurverschil van meer dan ca. 30°C in het glasoppervlak optreedt, ontstaan er te hoge spanningen in het glas. Daardoor breekt de ruit op een bijzondere manier. Dit noemt men een thermische breuk. Een thermische breuk heeft een speciaal breukpatroon en is niet te vergelijken met een mechanische breuk die ontstaat door bijvoorbeeld een stootbelasting van een vallend persoon of voorwerp.

Een thermische breuk is meestal te herkennen aan één breuklijn die loodrecht vanuit rand van het glas begint en daarna in een grillige vorm verder loopt. Of er sprake is van een thermische breuk kan het best door een vakman worden beoordeeld. Een vaak voorkomend misverstand is dat de breuk zich bevindt op de plek waar het temperatuurverschil is opgetreden. Dit is niet altijd het geval. Door de spanningen in het glas ontstaan, zal de ruit bij het zwakste punt aan de rand van het glas breken.

Voorkomen
Men kan de kans op thermische breuk fors verkleinen door:
·Jaloezieën, lamellen of overgordijnen op enige afstand van de beglazing te plaatsen.
·Verwarmingselementen niet te dicht bij de beglazing te plaatsen.
·De beglazing niet te beschilderen of te beplakken met bijvoorbeeld plakfolie.
·Geen grote voorwerpen te plaatsen aan de binnenkant, dicht achter de beglazing.
·Handelingen te voorkomen die tot een temperatuurverschil in de beglazing kunnen leiden (bijvoorbeeld een gerichte koudewaterstraal op een door de zon verwarmde beglazing.)

Thermische breuk kan worden voorkomen door gehard glas toe te passen. Gehard glas is speciaal thermisch behandeld glas dat tegen veel grotere temperatuurverschillen kan en minder gevoelig is voor een thermische breuk. In situaties waar het glas te maken kan krijgen met grote temperatuurverschillen is het raadzaam gehard glas toe te passen.

Net als mechanische breuk, is thermische breuk geen productfout en valt dit niet onder een eventuele garantie van een glaszetter of leverancier. Wel komt het inmiddels steeds vaker voor dat het risico op glasbreuk meeverzekerd is in een verzekering voor het huis of vastgoed.

Veiligheidsglas of veiligheidsbeglazing, ook wel letselwerende beglazing genoemd, is de algemene benaming voor glas dat een letselwerend breukgedrag heeft.

Standaard glas oftewel floatglas heeft de eigenschap dat er bij breuk grote scherpe scherven ontstaan. Dit breukgedrag kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel zoals gevaarlijke snijwonden. Er zijn ook glassoorten waar bij breuk geen risico is op ernstig letsel. Deze glassoorten hebben een letselwerend breukgedrag.

Wanneer glas veligheidsglas genoemd mag worden, is in een norm (NEN 3569) vastgelegd. Op basis daarvan kunnen twee soorten veiligheidsglas onderscheiden worden:

Gehard glas:
Thermisch gehard veiligheidsglas is floatglas dat extra thermisch is behandeld. Het floatglas wordt eerst verhit bij meer dan 600°C en vervolgens bij een zorgvuldig gecontroleerde snelheid snel afgekoeld. Hierdoor krijgt het glas zijn speciale eigenschappen. Bij breuk valt gehard glas in kleine veilige korrels uiteen die geen ernstig letsel veroorzaken. Voorbeelden van toepassing met thermisch gehard veiligheidsglas zijn bijvoorbeeld; zijruiten van auto’s, bushokjes, hardglazen deuren, etc. Het voordeel van thermisch gehard veiligheidsglas is dat het ook bestand is tegen grotere temperatuurverschillen dan “gewoon” floatglas.

Gelaagd veiligheidsglas:
Gelaagd veiligheidsglas bestaat uit minimaal 2 glasbladen met daartussen een taaie kunststof folie (meestal een PVB folie). Deze folie zorgt ervoor dat bij breuk het glas bij elkaar wordt gehouden. Hierdoor ontstaan er bij breuk geen gevaarlijke scherven en is er dus geen risico op ernstig letsel. Gelaagd veiligheidsglas heeft als voordeel dat de ruit bij breuk niet uiteen valt, maar één geheel blijft. Hierdoor ontstaat er bij breuk dus ook geen grote opening. 

Adres

Marie Curiestraat 20
2691 HC 's-Gravenzande

Contact

Email: info@olsthoornglas.nl

Telefoon: 0174417188  

Mobiel: 0622337427 

Openingstijden:

Maandag 7:30 - 17:30
Dinsdag 7:30 - 17:30
Woensdag 7:30 - 17:30
Donderdag 7:30 - 17:30
Vrijdag 7:30 - 17:30
Zaterdag 8:00 - 11:30